Familiegeluk
9/03/2010Kwart voor zes. Ik stap in Dendermonde uit de trein, plooi mijn fiets open, en vertrek, richting onze garage. Ik stal mijn fiets, en ik haast me naar onthaalmoeder Rita. Kobe komt op mij afgelopen en springt mij in de armen: “Papa! Papa!”
Hand in hand gaan papa en zoon naar huis, terwijl Kobe vrolijk tatert en over zijn dag vertelt. We komen thuis, en Kobe houdt zijn vingertje bij zijn oortje en zegt “O! Looje!”
En inderdaad, uit de living komt het vertrouwde ik-heb-honger-en-ik-wil-een-flesje-gehuil van mijn dochter. Eveline is net haar pamper aan het verversen. We wisselen kinderen – zij begroet Kobe hartelijk, en ik neem mijn dochtertje stevig vast, om ze niet meer los te laten. Ze nestelt zich in mijn armen.
Eveline warmt samen met Kobe haar flesje op, en smakelijk drinkt ze het in één teug uit vanop mijn schoot. Ze lacht voldaan en begint wat te tateren. Ik loop er een kwartiertje mee rond, ze laat een paar boertjes, en ze is intens content om weer thuis te zijn. Ook onze Kobe loopt er opvallend vrolijk bij. Hij zal het met zoveel woorden niet zeggen, maar hij heeft zijn zusje gemist en is dolblij dat ze terug is.
Om haar thuiskomst te vieren ga ik samen met mijn zoon vlug even naar de frituur op de hoek, en we kopen een groot pak friet en een portie “kippefrietjes” (Chix Fingers). We snellen vlug huiswaarts, en we smullen en smikkelen, terwijl Lore in de babysit alles bekijkt, en vrolijk lacht.
Perfecter dan dit hoeft het niet. Wat ben ik dankbaar en gelukkig dat mijn dochter gezond en wel terug thuis is.


